Home / Druivensoorten / Camaralet

Druivensoorten

De Camalaret-wijndruif

De Camaralet (vaak Camaralet de Lasseube genoemd) is een zeldzame, witte druif uit de Zuidwest-Franse regio Jurançon. Hoewel ze bijna verdween, is ze nu weer in opkomst. De druif staat bekend om haar opvallende aroma’s van kaneel, peper en venkel, en levert karaktervolle wijnen met een stevig alcoholpercentage en veel body

Herkomst en geschiedenis

De Camaralet, ook wel Camaralet de Lasseube, Camaralet blanc of Petit Camarau genoemd, is een zeldzame, inheemse witte wijndruif uit het zuidwesten van Frankrijk, specifiek uit de Pyrénées-Atlantiques. Haar geografische oorsprong ligt in de heuvels en valleien van de Béarn en de Jurançon-regio, aan de voet van de Pyreneeën. Deze oude variëteit maakt deel uit van de traditionele autochthone druivenrassen van het Baskisch-Pyreneese terroir, waar ze al eeuwenlang groeit in een vochtig, bergachtig klimaat met invloed van de Atlantische Oceaan.

Historisch gezien werd Camaralet al in de middeleeuwen en renaissanceperiode vermeld in de wijngaarden rond Jurançon en Béarn. De regio Jurançon heeft een rijke wijntraditie: in de 15e eeuw introduceerde ze als een van de eerste gebieden het concept van “crus” (afgebakende wijngaarden) ter bescherming van de kwaliteit. Camaralet werd traditioneel gebruikt in blends voor zowel droge als zoete Jurançon-wijnen, samen met dominante rassen zoals Gros Manseng, Petit Manseng, Courbu en Lauzet. Ze droeg bij aan de aromatische complexiteit van deze wijnen, die ooit zo prestigieus waren dat ze aan het hof van de koningen van Navarra en Frankrijk werden geserveerd – legendarisch is het verhaal dat Hendrik IV van Frankrijk bij zijn doop in 1553 met Jurançon-wijn werd gedoopt.

In de 19de en vroege 20ste eeuw bleef de druif aanwezig in kleine percelen, maar ze leed onder de algemene crisis in de Franse wijnbouw: phylloxera, economische veranderingen en de opkomst van productiever rassen. Plantstatistieken tonen een dramatische daling: van enkele hectaren in de jaren ’70-’80 naar minder dan 1 ha in 2008. Tegenwoordig is ze bijna uitgestorven, met slechts een handvol producenten die haar behouden of herintroduceren. DNA-onderzoek toont aan dat ze genetisch distinct is van de rode Camaraou noir (ook wel Camaralet noir), hoewel ze synoniemen delen en mogelijk historisch verwant lijken. Haar exacte parentage blijft onduidelijk, maar ze behoort tot de oude Pyreneese variëteiten.

De heropleving begon in de late 20ste eeuw dankzij gedreven wijnmakers zoals Henri Ramonteu van Domaine Cauhapé, die inheemse rassen herontdekte en Camaralet integreerde in moderne, droge Jurançon Sec-wijnen. In de jaren ’90 werden officiële klonen (1023 en 1024) geselecteerd en gecertificeerd, wat beperkte heraanplant mogelijk maakte. Vandaag staat de aanplant op ongeveer 8 ha (cijfers 2018), vooral in Jurançon AOC. Producenten waarderen haar voor de unieke aromatische bijdrage: tropisch fruit, specerijen (kaneel, peper, venkel), honing en een opvallende zuurgraad. De druif gedijt op arme, stenige bodems, heeft losse trossen (goed resistent tegen rot) en rijpt midden-seizoen.

Camaralet symboliseert de strijd voor biodiversiteit in de wijnbouw. Ze is veeleisend – lage opbrengsten, gevoelig voor overrijping – maar levert wijnen met intense persoonlijkheid op. In een tijd van globalisering en uniforme rassen herinnert ze ons aan de rijkdom van vergeten lokale variëteiten. Haar toekomst hangt af van een kleine groep gepassioneerde telers die de Pyreneese traditie levend houden.

Kenmerken van de druif

Ampelografisch vertoont de druif duidelijke herkenningspunten. De jonge scheuten hebben een hoge dichtheid aan liggende haren aan de top. De jonge bladeren tonen bronsvlekken. Volwassen bladeren zijn middelgroot tot groot, met vijf lobben, diepe open U-vormige laterale insnijdingen (vaak met een tand erin), een open bladsteelinsnijding zonder anthocyaninekleuring, een vlakke bladschijf en een matige dichtheid aan rechtopstaande en liggende haren aan de onderzijde. De trossen zijn klein (100-200 g), zeer los en cilindrisch-conisch. De bessen zijn klein tot middelgroot, licht ellipsoïde, met een dunne, geelgroene tot goudgele schil bij rijpheid en sappig vruchtvlees.

Viticulturaal is Camaralet veeleisend en uniek. Het is een zuiver vrouwelijke druif (à fleurs femelles), wat betekent dat ze afhankelijk is van kruisbestuiving met naburige hermafrodiete of mannelijke stokken. Dit leidt vaak tot coulure (slechte vruchtzetting) en lage opbrengsten. De stokken hebben een matige groeikracht en gedijen op arme, stenige of klei-kalkrijke bodems in het koele, vochtige bergklimaat met Atlantische invloeden. Ze rijpt midden in het seizoen – ongeveer drie weken na Chasselas – wat haar geschikt maakt voor de hogere liggingen in Jurançon. Dankzij de losse trossen is ze weinig gevoelig voor grijze rot (botrytis), behalve bij overrijpheid. Ze is relatief robuust tegen andere schimmels, maar vereist zorgvuldige wijnbouw.

In de kelder levert Camaralet wijnen op met een sterke persoonlijkheid. De kleur is strogeel tot goud. Het aroma is intens en complex: tropisch fruit (mango, ananas), citrus (grapefruit, limoen), bloemig (acacia, jasmijn) en vooral kruidig met opvallende tonen van kaneel, witte peper, venkel, anijs en soms honing of marsepein. Op het palet is de wijn vol, alcoholrijk (vaak 13-14%+), met een ronde body, goede structuur, frisse zuren en een lange, aromatische afdronk. Ze wordt zelden puur gebotteld, maar voegt in blends (met Gros Manseng, Petit Manseng of Petit Courbu) diepte en exotische kruiden toe, zowel in droge (Jurançon Sec) als zoete stijlen. Topwijnen kunnen rijpen en ontwikkelen nootachtige, oxidatieve nuances.

Conclusie

Door haar lage rendementen, bestuivingsproblemen en historische achteruitgang (minder dan 1 ha in 2008, nu rond 8 ha) blijft ze een niche-druif. Ze symboliseert de biodiversiteit van vergeten Franse variëteiten en wordt vooral gewaardeerd door pioniers zoals Domaine Cauhapé voor haar unieke, kruidige expressie. Camaralet combineert delicatesse met kracht en is een parel voor liefhebbers van authentieke, terroir-gedreven wijnen.