Home / Wijndomeinen / Château de Ricaud

Wijndomeinen

Château de Ricaud: de "Yquem van de rechteroever" in Loupiac

Aan de rechteroever van de Garonne, op de heuvels van Loupiac, ligt Château de Ricaud. Het ligt ten zuiden van Bordeaux, nabij Cadillac, op een steenworp van de beroemdere zoete-wijnstreken aan de overkant van de rivier. Het domein heeft een opvallend dubbel gezicht. Het is een referentie voor zoete witte wijn uit Loupiac, en het maakt ook rode Cadillac-Côtes-de-Bordeaux. Die combinatie bepaalt de identiteit: een neogotisch kasteel, een vrijwel aaneengesloten wijngaard en een lange traditie in edelrotwijnen, aangevuld met een ambitieuze rode lijn. Hier komt zowel een wijn voor de dessertkant van het diner vandaan als een Bordeaux voor de bewaarkelder.

De oorsprong van de site ligt in een adellijk landhuis. Het huidige kasteel is veel jonger: in 1865 kocht Charles de Bignon het domein en liet hij een nieuw kasteel bouwen op de plaats van het oude adellijke huis, in neogotische stijl. De Hachette-gids omschrijft het als een neogotisch kasteel, geïnspireerd door Viollet-le-Duc. Het ligt in een park met bomen die volgens het huidige wijnhuis zo'n driehonderd jaar oud zijn. Het was van het begin af aan een groot wijnbouwbedrijf, niet louter een buitenverblijf.

De reputatie van de wijn dateert van ruim vóór de huidige eigenaar. Rond 1950 werd de Loupiac van Ricaud door journalisten liefkozend "de Yquem van de rechteroever" genoemd, en op wijnfora worden oude jaargangen als 1921 en 1924 nog steeds met bewondering besproken. Die bijnaam blijft staan, ook al is hij zelf een beetje overdreven.

Het belangrijkste keerpunt kwam in 1980, toen Alain Thiénot, een wijnhandelaar uit de Champagne, het domein kocht. Het verhaal doet de ronde dat hij gecharmeerd was door een fles van de jaargang 1929 en het domein daarom kocht. Het tweede keerpunt volgde in 2007, toen zijn groep ook een meerderheidsbelang in het Bordelese huis Dourthe nam. Vanaf dat moment wordt Ricaud beheerd door de teams van Dourthe, de Bordelese wijnmaker die ook Château Belgrave en andere topdomeinen beheert. Volgens Dourthe zelf kwam daarop een ambitieus herstructureringsprogramma, dat Ricaud moest maken tot een kwaliteitsreferentie in Loupiac en tot een Côtes de Bordeaux onder de beste van de appellatie. De visie is dus tweeledig: de status van de Loupiac behouden en de rode wijn omhoogtillen tot hetzelfde niveau.

Het domein valt onder twee appellaties: "Loupiac AOC" voor de zoete witte wijn en "Cadillac-Côtes-de-Bordeaux" voor de rode wijn. Daarnaast is er een droge "Bordeaux blanc". De Loupiac-appellatie werd officieel erkend op 11 september 1936. Ze ligt op de rechteroever van de Garonne, gevat in de ruimere Entre-Deux-Mers en omringd door de Premières Côtes de Bordeaux. De regels zijn streng: de druiven moeten overrijp worden geoogst en met meerdere handmatige selecties (tries successives) worden gelezen. Ook moet het hele productieproces in Loupiac plaatsvinden.

De gemeente staat bekend om zijn klei-kalkhoudende heuvels, en dat is de basis van de zoete wijn. Over de bodem van Ricaud zelf geeft Dourthe alleen aan dat het domein bijzonder gevarieerde bodems heeft, zonder per perceel te specificeren. De wijngaard ligt in een natuurlijk amfitheater, als één aaneengesloten geheel. Dat betekent een gunstige expositie en een compact geheel, wat de rijpingsspreiding en de selectie bij de oogst ten goede komt. Het microklimaat is bepalend voor de zoete wijn. De rivier zorgt in het najaar voor ochtendnevel, gevolgd door zonnige middagen. Die wisseling is de motor van *Botrytis cinerea*, de edele schimmel die de druiven doet slinken en concentreert. De stijl is daardoor vrij licht en fris voor een liquoreux, met een hoge zuurgraad naast de zoetheid.

Het domein beslaat 48 hectare, verdeeld over 50 percelen. De opbouw is duidelijk rood-dominant: 36 hectare Merlot, aangevuld met Cabernet Sauvignon, Petit Verdot, Sauvignon Blanc en Sémillon. De exacte verdeling van de resterende 12 hectare over deze vier rassen is niet openbaar, evenmin als het precieze areaal voor de Loupiac. Voor de zoete wijn zijn Sémillon en Sauvignon Blanc de logische keuze. In de appellatie in het algemeen domineert Sémillon met ongeveer 85% van de blend, vanwege de dikke schil die goed gevoelig is voor botrytis.

Bij de Loupiac wordt de wijn met de hand geoogst, zodat alleen volledig door botrytis aangetaste druiven worden gelezen, en daarna gevinifieerd en gerijpt in barriques. De nadruk ligt op frisheid: de wijn wordt beschreven als licht van stijl, met zoetheid en zuurgraad in evenwicht en een lange, levendige afdronk. Typische aroma's zijn gebraden perzik en sinaasappelschil. In de 2018 vond Gault&Millau bittere sinaasappel, kamille, acaciahoning, gedroogde abrikoos en vijg.

Wat onderscheidt Ricaud van de buren? Loupiac is meestal een appellatie van kleine familiebedrijven. Zo heeft Château Loupiac-Gaudiet 30 hectare, vrijwel uitsluitend zoete wijn. Ricaud is met 48 hectare groter en heeft de steun van een groep met distributie en technische middelen. Het combineert bovendien twee geloofwaardige gezichten onder één dak, rood én zoet. 

Château de Ricaud staat vandaag voor wat de Bordelese rechteroever kan: een historisch gegroeid zoet wijndomein dat sinds 2007 strak wordt aangestuurd en zijn aanbod met serieuze rode wijn heeft uitgebreid. Het bewaarpotentieel van de Loupiac is onbetwist. De appellatie zelf noemt bewaartijden van 5 tot 100 jaar, afhankelijk van de wijn, en de bewondering voor oude jaargangen als 1921 geeft de reputatie historisch gewicht. De rode wijnen zijn jonger in hun ontwikkeling. Verwacht voor de Grand Vin een rijpingsperiode van enkele jaren tot ruim een decennium, maar dat is mijn inschatting, geen domeinclaim. Wie Ricaud wil leren kennen, begint met de Loupiac, en zet er desgewenst een rode wijn naast om te zien hoe het domein zich aan beide kanten van de tafel presenteert.

Website: https://www.dourthe.com

Wij proefden wijnen van dit domein tijdens onze onderstaande degustaties:

2026-10-15 : Klassieke Bordeaux